Tijd en ruimte

In het kernconcept Tijd en ruimte wordt de herkomst van ons tijdsysteem (dagen, jaren) en de klimaatverschillen en seizoenen op aarde verklaard aan de hand van de positie en de beweging van de aarde ten opzichte van de zon. De wijze waarop de aarde en de maan zich continu ten opzichte van de zon en elkaar bewegen verklaart ook verschijnselen als de zons- en maansverduistering en de maanstanden.
Hiernaast verwerven de leerlingen in dit kernconcept tijdsbesef doordat ze beter kunnen inschatten en meten hoe lang iets duurt of geduurd heeft, maar ook krijgen ze een beeld van de verschillende tijdvakken in de geschiedenis en waardoor deze tijdvakken worden gekenmerkt. Tevens krijgen de leerlingen meer besef van afstand, omdat ze beter kunnen inschatten en meten hoe groot en ver iets is en krijgen ze een beter beeld van de topografische en geologische aspecten van Nederland, Europa, de aarde en het heelal. In dit kernconcept komen dus, naast het onderdeel meten, belangrijke delen van geschiedenis en aardrijkskunde aan de orde.

Ga terug